Infectieziekten en entingen

Wanneer een dier een infectie oploopt ontstaat in het lichaam een afweer reactie, waardoor de infectie wordt bestreden. Na genezing zal het dier een bepaalde tijd minder gevoelig zijn voor dezelfde infectie. Entingen berusten op dit principe; het dier wordt ingespoten met dode of verzwakte virussen of bacterien (vaccin) waardoor er een afweer ontstaat. Wanneer het dier dan in kontakt komt met een "veldinfectie" zal het niet, of minder erg ziek worden. Omdat de afweer niet eeuwig duurt, moet er met regelmatige tussenpozen opnieuw worden geënt.
Een extra voordeel van de jaarlijkse enting is de tegelijk uitgevoerde gezondheidscontrole. Daarbij worden regelmatig zaken gevonden die aandacht nodig hebben, zoals gezwelletjes, gebitsproblemen of hartruisjes.
Om een goede afweer op te bouwen moet er bij een dier dat nog nooit eerder is geënt binnen enkele weken een 2e en soms 3e enting worden gegeven. Standaard gelden hiervoor de onderstaande schema's:

Hond Kat Konijn

Hond terug naar de index

Pup: Indien de hond mee gaat naar het buitenland dan geldt de (wettelijke) verplichting om ook te laten enten tegen hondsdolheid (Rabies). Voor de EU gelden 3 voorwaarden: europees dierenpaspoort, identificatie (chip), en rabiesenting. De enting die wij gebruiken is 3 jaar geldig.
Voor sommige landen gelden extra eisen: zoals voor Engeland, Scandinavie en landen buiten de EU. Vraagt u dit tijdig bij ons na !!
Zwitserland is geen EU land, maar hiervoor gelden wel dezelfe regels. Binnen de EU zijn geen gezondheidsverklaringen meer nodig.
Volwassen hond:
Elk jaar Parvo, Weil en eventueel hondsdolheid, om de 2 jaar tevens hondeziekte, leverziekte en kennelhoest. Dit wordt ook wel de "cocktailprik" genoemd.
Parvo:
Parvo is een virusinfectie die sneldelende cellen aantast. Bij het volwassen dier vooral maagdarm kanaal, bij de jonge hond soms ook de hartspier. De verschijnselen zijn dan ook ernstig braken en bloederige diarree. Jonge dieren kunnen hierdoor snel uitdrogen en sterven. Bij jonge dieren komt ook plotselinge sterfte door hartspierontsteking voor.
De ziekte is erg besmettelijk via o.a. de ontlasting, en het virus kan erg lang in de omgeving aanwezig blijven. Dit kan bij fokkers of handelaren soms langdurig problemen geven ondanks goede hygiene.
De behandeling bestaat vooral uit infusen om uitdrogen te voorkomen, en heeft vaak onvoldoende succes.
Terug naar het entschema van de hond terug naar de index

Hondenziekte:
Hondenziekte is een virus infectie. Behalve de hond is bijvoorbeeld ook de nerts gevoelig. De ziekte wordt ook wel "hard pad disease" of "ziekte van Carre" genoemd. Er zijn meerdere ziektenbeelden; onstekingen van neus en oogslijmvlies, longontsteking, diarree en zenuwverschijnselen. Soms ontstaan er huidproblemen zoals verdikking van de voetzooltjes (hard pad disease). Het virus wordt via direct contact overgebracht. In de omgeving wordt het snel inactief.
Terug naar het entschema van de hond terug naar de index

Ziekte van Weil:
De ziekte van Weil (leptospirose) kan veroorzaakt worden door 2 typen bacterien; leptospira canicola en leptospira icterohaemoragica. Ook de mens kan ermee besmet worden. De bacterie wordt overgebracht via urine van honden en ratten. Vooral bij waterrijke gebieden is er verhoogd risico. De ziekte tast de nieren en eventueel de lever aan. Behandeling met antibiotica kan in vroeg stadium goed succes hebben.
Omdat de weerstand na enten maar ongeveer 9 maanden aanhoudt worden honden die veel zwemmen of voor de jacht gebruikt worden soms 2 maal per jaar geënt. Bij deze honden is als pup een 3e enting op 16 weken te overwegen.
Terug naar het entschema van de hond terug naar de index

Leverziekte:
Besmettelijke leverziekte heet ook wel: hepatitis contagiosum canis (H.C.C.). Zoals de naam al zegt tast deze ziekte vooral de lever aan. Jonge honden (tot 1 jaar) zijn gevoeliger dan oudere. Behalve honden kunnen ook vossen er ziek door worden. De verschijnselen zijn heel divers. Heel jonge dieren kunnen soms zonder andere verschijnselen plots sterven. Bij de wat tragere vorm (enkele dagen) zijn er oogontsteking, grote en pijnlijke lever (vaak geen geelzucht) en hoge temperatuur. Soms zijn er bloedingen van huid en slijmvliezen. Als het dier de eerste 48 uur overleeft dan is er een redelijke kans op herstel.
Terug naar het entschema van de hond terug naar de index

Kennelhoest:
Kennelhoest is een verzamelnaam voor infecties van de voorste luchtwegen van de hond. Er komen zowel virussen als bacterien voor; de belangrijkste zijn het para-influenza virus en de bordetella bronchoseptica bacterie. De verschijnselen bestaan meestal uit een droge harde hoest, soms is de hoest echter nat en is er ook neusuitvloeiing. Door de keelpijn eten de dieren soms slecht. Omdat ze door het hoesten soms kokhalzen lijkt het wel eens of ze ook braken. Ze geven dan wat wit schuim op.
Hoewel de naam suggereert dat de infectie alleen in kennels voorkomt is dit niet juist; Het wordt direct van dier op dier overgebracht, maar dit kan bijvoorbeeld ook op het hondenveldje of de puppycursus. Onbehandeld gaat de infectie vaak na 7 tot 10 dagen vanzelf over maar het kan ook van kwaad tot erger worden indien diepere luchtwegen en longen aangetast worden. Indien het dier niet ziek is en een droge hoest heeft dan is een hoestdrank vaak voldoende. Laat u wel altijd even naar de hond kijken. Wij kunnen dan de toestand van luchtwegen en longen beoordelen. Als die niet in orde zijn of als er een natte hoest is dan zijn antibiotica meestal nodig.
Bij veel pensions zijn aanvullende kennelhoest entingen verplicht (zeker in de drukke vakantie weken). Vraagt u dit bij het pension van uw keuze altijd ruim van tevoren na !!
Terug naar het entschema van de hond terug naar de index

Kat terug naar de index

Kitten:

Volwassen kat:
Jaarlijks herenten met katten- en niesziekte.
Tegen kattenaids (FIV) en feline infectieuze peritonitis (FIP) kan nog niet worden geënt.

Kattenziekte:
Kattenziekte wordt veroorzaakt door het parvovirus van de kat. Het is een erg besmetelijk virus dat lang in de omgeving kan overleven. Het virus tast het maagdarmkanaal en de afweercellen aan. Zieke dieren hebben hoge koorts en braken, vaak krijgen ze ook diarree. Als gevolg hiervan drogen ze uit. Als heel jonge dieren worden geinfecteerd kunnen ze ook ataxie krijgen (onvoldoende coördinatie) door aantasting van de hersenen. Door de daling van de afweer kunnen er ook andere infecties bijkomen.
Vooral jonge katten sterven meestal ondanks behandelen. Als de kat overleeft kan er nog maandenlang diarree blijven.
Terug naar het entschema van de kat terug naar de index

Niesziekte:
Bij niesziekte kunnen meerdere micro-organismen een rol spelen. De belangrijkste zijn het herpes- en calicivirus. Daarnaast kunnen ook chlamidia en bordetella bronchoseptica een rol spelen. De voorste luchtwegen worden aangetast. De dieren niezen, en hebben waterige of pussige uitvloeiing uit neus en ogen. Vooral bij de herpes infectie kunnen ze grote zweren op de tong krijgen. Onbehandeld kunnen er nog andere problemen bijkomen waardoor de dieren zeer ziek zijn.
Wanneer de dieren lang met de infectie rondlopen dan blijven het nogal eens levenslange snotteraars, die steeds weer een antibioticumkuur nodig hebben: als u uw kat verdenkt van niesziekte laat hem dan nakijken!
De ziekte wordt overgebracht door direct kontakt, maar ook via besmet materiaal.
Terug naar het entschema van de kat terug naar de index

Leucose:
Deze virusziekte heet ook wel feline leukaemia of feline lymfosarcoma. Het is een besmettelijke vorm van witte bloedcel kanker. De ziekte is alleen besmettelijk voor katten onderling, en wordt overgegeven via intensief direct kontakt zoals bij spelen en vechten, maar ook door kontact met urine en ontlasting. Vooral katten onder de 5 jaar zijn gevoelig, maar katten van alle leeftijden kunnen het krijgen. Tussen het moment van infectie en de eerste verschijnselen kunnen maanden liggen. In die tijd zijn de katten wel besmettelijk voor anderen. Deze "dragers" kunnen met een bloedonderzoek worden opgespoord.
De verschijnselen zijn deels afhankelijk van de plaats waar het gezwel ontstaat: zo kunnen lever, nieren of darmen worden aangetast. De ziekte wordt ook nog wel eens in het oog gezien. Daarnaast treedt door aantasting van het beenmerg vaak een sterke afweerdaling op met alle gevolgen van dien. Ook aanvankelijk klachtenvrije dragers sterven binnen een aantal maanden tot jaren
Er is geen behandeling. Omdat de ziekte niet zo heel veel voorkomt wordt er niet standaard tegen geënt, tenzij het bijvoorbeeld in een bepaalde wijk heerst. Voor fokkers kan de enting soms wel aan te raden zijn.
Terug naar het entschema van de kat terug naar de index

Kattenaids:
Kattenaids wordt veroorzaakt door het feline imunodeficientie virus (FIV). Dit virus is uitsluitend besmettelijk voor katten; u kunt van uw kat geen aids krijgen. De ziekte wordt met name overgebracht door bijtwonden (vechten). Oudere katers die veel vechten hebben een verhoogd risico. Infectie via direct kontakt zoals bij spelen of de paring is minder belangrijk.
De ziekte lijkt wel op de aids van de mens; vage klachten, malaise, vreemde secundaire infecties. Ook zenuwverschijnselen komen voor. Sommige katten zijn symptoomloze dragers, zij kunnen het virus wel uitscheiden. Middels een bloedonderzoek kunnen dragers wel worden opgespoord.
Er is geen behandeling, er is geen vaccin.
Terug naar het entschema van de kat terug naar de index

Feline infectieuze peritonitis:
FIP is een virusziekte waarover nog onvoldoende bekend is. Er zijn meerdere ziekte beelden. Het klassieke beeld is dat van een magere kat met een erg dikke buik. De buik is gevuld met helder, draden-trekkend geel vocht. Daarnaast komt een "droge" vorm voor met onstekingen van orgaan- en/of hersenvliezen (granulomen) en aantasting van lever, nier en darmfunctie. De verschijnselen hierbij kunnen erg aspecifiek zijn.
Waarschijnlijk wordt het virus via de ontlasting verspreid. Ook bij dit virus zijn er weer dragers zonder verschijnselen. Er is geen betrouwbare test om de ziekte vast te stellen of dragers op te sporen. Er is wel een test op antistoffen in het bloed, maar hiermee kan slechts worden aangetoond dat het dier ooit met de ziekte in kontakt is geweest. Er kan niet aan worden afgelezen of het virus nog in de kat aanwezig is. De diagnose is dus erg lastig. Vaak zal het een "waarschijnlijksheids" diagnose zijn.
Er is geen behandeling en geen voldoende werkende enting.
Terug naar het entschema van de kat terug naar de index

Konijn terug naar de index

Er zijn bij het konijn 2 infectieziekten waartegen kan worden geënt:
Myxomatose is daarvan de bekendste. De ziekte komt oorspronkelijk uit Zuid Amerika. In 1952 is de ziekte in Frankrijk gebracht om konijnen te bestrijden. Vanuit Frankrijk heeft de ziekte zich door heel West Europa verspreid. Myxomatose is alleen gevaarlijk voor konijnen.
Bij geinfecteerde dieren ontstaan er weke zwellingen (myxomen) boven het oog een vlo de overbrenger
op huid van oren, oogleden, snuit en anaalgebied. Er ontstaat oog en neus uitvloeiing (waardoor de ziekte soms erg lijkt op besmettelijke snot, een pasteurella infectie). Jonge konijnen zijn vatbaarder dan ouderen. Na infectie sterft vrijwel 100% van de dieren door uitputting.
Myxomatose wordt overgebracht door bloedzuigende insecten; bij tamme konijnen meestal muggen, bij wilde konijnen ook vlooien (Spilopsyllus Cuniculi).
Enting tegen myxomatose kan vanaf een leeftijd van ongeveer 3 weken en werkt ongeveer 6 maanden. Als u niet 2 maal per jaar wilt enten dan is het voorjaar het beste tijdstip (dan is het konijn immers het hele muggenseizoen beschermt). De entstof is verpakt per flacon voor 10 konijnen. Na aanprikken is dit maar een paar uur houdbaar. Enten van een individueel konijn is naar verhouding kostbaar.
In april en augustus houden wij daarom een "konijnenent-actie" waarop een sterk gereduceerd tarief mogelijk is.

terug naar de index
Viral haemoragic disease (VHD) is de tweede virusziekte van konijnen. Dit virus wordt overgebracht via direct kontakt tussen konijnen, en via besmet materiaal (kleding, schoeisel, besmet stro en transportmandjes, maar ook groenvoer uit bos of berm). Aangetaste konijnen sterven vaak zeer snel, zonder ziekteverschijnselen. Daardoor kan het wel wat lijken op "hitteslag": sterfte door overtemperatuur op warme dagen.
Ook tegen VHD kan geënt worden, waardoor het konijn 1 jaar beschermd is.

terug naar de index